zondag 1 november 2015

Onze Lieve Vrouw een uur hysterisch op 01-11:01:00 (plaatselijk nieuws)

...
Volgens de verantwoordelijk beheerder van de dienst SRO - zeg maar onze plaatselijke concierge - lag het aan een defect mechaniek. Op zondagnacht de eerste november tussen 1 en 2 uur hield de centrale klok van Onze Lieve Vrouwetoren niet meer op met luiden. Dat moet voorwaar een bijzonder defect zijn geweest, maar ik geloof daar niets van...
Nu is voor zover ik weet de centrale tijdsaanduiding - het uurwerk en het bijbehorende klokkenspel - volledig elektronisch gestuurd. De klok een uur vooruit of achteruit, bij het wisselen van zomer- en wintertijd? Dat gaat volledig automatisch, zonder dat iemand daar naar omkijkt; geloof me...
Met andere woorden: een digitale klok bepaalt hoe laat het werkelijk is, en past het uurwerk en het gebeier van de klok(ken) hierop vervolgens dienovereenkomstig aan. Het zou mij zelfs niet verbazen, dat een en ander 'gewoon' via een computerprogrammaatje kan worden aangestuurd. Op afstand, neem ik zomaar gemakshalve aan, want SRO zit helemaal op het einde van de Soesterweg; toch een flink eindje verderop...
Of dacht u nu werkelijk, dat onze centrale tijdsaanduiding nog steeds zou berusten op een antiek raderwerk en stelsel van klokken en touwen? Met onze eigen Quasimodo op de toren? Het spijt mij om dit plezier te moeten vergallen, brave stadsgenoten, maar Onze Lieve Vrouw wordt gewoon bestuurd via een automaat; en die is soms kennelijk ongesteld...
De gewone 'stand' - zeg maar - is het aangeven van de tijd op de hierboven besproken wijze. Het uurwerk verloopt inderdaad met een 'stelsel van raderen' dat de wijzers aandrijft - het reeds genoemde mechaniek - dat wordt aangedreven door een redelijk moderne elektronisch gestuurde stappenmotor; tot op de minuut nauwkeurig...
Of dacht u soms, dat ons Grote Horloge moest worden opgewonden? En dat er zich ergens in dat binnenste een grote veer met een vliegwiel bevond? Welnee, die romantiek is reeds lang verzwonden; zelfs in Parijs...
Die tomeloze stroom wijsjes, die op zaterdagmiddag door onze Notre Dame over ons tot van verre hoorbaar wordt uitgebraakt? Die zitten heel gewoon in wat wij van het aloude orgeldraaiersgilde een speeltrommel noemen...
Een beetje te vergelijken met die schattige minicarillonnetjes, die je met een slingertje of door opwinden kunt laten afspelen. Alleen gebruiken we hier wederom een ordinaire elektromotor; zoals je heden ten dage ook op draaiorgels ziet, van die geruisarme motortjes op een batterij...
En voor speciale gelegenheden - bv. Koningsdag of een begrafenis van de Koning, of een Kerkdienst of een Nationaal Alarm - hebben we de stand 'een uur lang beieren', en dan voor het zingen de kerk uit; zoals op deze koude ochtend gebeurde...
Het is zeker waar, dat zo heel af en toe een welwillende representant van onze plaatselijke beiaardierschool dat eindeloze trappenhuis trotseert, om daarboven in een tochtig hok - met de hand(!), jawel - wat wijsjes aan ons 100-delige klokkenspel te ontworstelen. Hij krijgt dan even de sleutel...
Dan hoort u ineens de Beatles, Andre Hazes of Celine Dion - of andere orgelmuziek - uit de toren komen. En het wilde vroeger nog wel eens gebeuren, dat ijverige leden van ons 60 leden tellende Klokkeluidersgilde het Zevengelui beroerden, op zaterdagochtend...
Vooropgesteld, dat ze niet zelf allemáál een knallende kater hadden van de avond daarvoor, want je moet er toch op zijn minst zeven hebben; of liever een veelvoud daarvan. Zo is onze schaakclub op zondagmiddag vanaf 13:00 (!), ook ter ziele gegaan onder het gebeier van diezelfde toren. En onder alcohol, in Cafe Marktzicht...
Maar dat was er allemaal niet aan de hand, vanochtend. En ik geloof er ook geen snars van, dat ergens een 'defect mechaniek' dit euvel heeft veroorzaakt. Ik houd het op kwaadwillende sabotage van een ex-schaker, een Halloween prank, of een dommige softwarefout...
Of de Lieve Vrouw is - net als wij - nog steeds in de war van de wintertijd; of ze is wellicht gewoon hysterisch ongesteld, net na Volle Maan, en moet nodig een flinke beurt. Zo zijn vrouwen, net na Halloween...
Haar organen zijn mij een maatje te groot. En dat ik weet, dat mijn eigen genadige vrouw dit ook leest; en heeft gehoord. Zij had migraine, en ik?
Ik sliep er dwars doorheen...

dinsdag 13 oktober 2015

Nooit ik...

...
ik ben de zoon
die nooit een vader had
en zijn moeder daarmee
voor altijd is verloren...
ik ben de vader
die nooit een kind kan
koesteren, als ware het
de vrucht van zijn schoot...
ik ben de minnaar
die nooit een vrouw heeft
kunnen houden van
verre, of dicht bij mij...
ik ben de werker
die nooit een baantje hield
voor lang, omdat het werk
hem niet beviel; maar andersom...
ik ben de man
die nooit een ik had
kunnen hebben, zonder
dat ik het nooit was...
...

maandag 2 maart 2015

Essay: De sense and nonsense about women and men (revisited)...

...
So it is clear, that Nature made it so, that the female kind of any species has a large advantage over the male kind, of that same species...
Of course, this is for a reason. The female kind, is supposed to reproduce the species. That is why a lot of societies are matriarchal, which means - in fact - that females rule that society. We can not only see that phenomenon in a pack of wild lions, but also for instance with whales, ants or bees; which are highly ruled societies, ruled by large women...
In nature, is not uncommon, that the female kind is significantly larger in size - but not always in numbers - than the male kind. As it is not uncommon, that the male partner gets killed, eaten, devoured, or otherwise assimilated in the process we call reproduction. Being male, is not a picnic, mind you...
In cases, where the male kind is supposed to be superior - e.g. in looks, size, appearance, dancing, whistling, tail-feather-shaking, and what have you - it is only for the ladies also. The female kind is very keen on exterior appearances, because it makes them think, their eggs are in safe hands. Stupid women...
Looking at it this way, at lot of sense and nonsense about men and women, springs to mind very easily. The male kind is just sperm on legs, and we should run for it. Keep our seed safe. Play hard to get, if you must. You will be caught anyway, so keep your dignity, you men out there...
At least they need us, so far...

vrijdag 13 februari 2015

Over tijd, letters, getallen, en andere onaardse zaken...

Ik mag me graag verdiepen in mystiek en spiritualiteit, en heb dan ook altijd een zwak gehad voor allerlei dingen waarvan ik moest toegeven, dat ze mijn nuchtere natuur en logisch brein tartten. Ik beschouw mezelf als een wetenschappelijk geschoold mens, die zaken pas wil aannemen als hij ze heeft zien gebeuren, en dan ook nog in staat is om de boel uit elkaar te halen, en weer opnieuw in elkaar te zetten om te kijken of het nog steeds werkt...
Dit bijvoorbeeld tot grote wanhoop van mijn vader, toen hij mij een horloge voor mijn verjaardag gaf. Het was een goedkoop prul, want ik kreeg het kreng niet meer in elkaar. Dan was die vulpen van mijn verjaardag daarvoor beter geslaagd, want daar kan ik nog steeds mee schrijven; 50 jaar na dato...
Gelukkig heb ik wel klokkijken geleerd, en weet inmiddels van de meeste dingen hoe laat het is; dankzij Einstein, die me heeft uitgelegd dat er wel degelijk iets bestaat als de verkeerde plek op de verkeerde tijd. Dat hij dat relatief noemde heb ik echter nooit begrepen, want ik weet niet beter...
Tijd heeft me dan ook altijd gefascineerd, net als schrijven en taal. Lezen en schrijven lukte me al voor de lagere school, en toen ik in de vierde klas - groep 6 tegenwoordig - in aanraking kwam met de Engelse taal, ging deze erin als koek. Net als kruiswoordpuzzels, en boeken over Egypte, want om de een of andere reden was mijn vader zich gaan verdiepen in Toet Anch Amon. Vermoedelijk om indruk te maken op zijn omgeving, maar hoe dan ook ik verslond het boek Goden, Graven en Geleerden, geschreven door een Duitser die fout was in de oorlog. Wist mijn pa veel...
Men zou dus kunnen denken, dat ik een pienter knaapje was die het prima deed op school, en een grootse toekomst mij stond te wachten. Helaas was de werkelijkheid minder romantisch. Ik was een uiterst matige leerling met doorgaans slechte rapporten. De lagere school mocht ik verlaten, met vijven en zessen; op voorspraak van de directeur, want ik was een vreemd onaangepast knaapje wat hij liever kwijt was. Ik was uiterst schrander, maar er viel mij weinig te leren, want ik was onvlijtig; aldus mijn laatste rapport. Ik moest het er maar mee doen...
Niet, dat ik het niet wilde. Ik was altijd uiterst nieuwsgierig en leerzaam. Als je me iets voordeed, dan kon ik het. Helaas gold dat niet voor staartdelingen en hoofdrekenen met wisselgeld, want omgaan met geld is nog steeds een probleem. Dat is me waarschijnlijk altijd verkeerd voor gedaan; ik ben namelijk een redelijk goeie spieker. Laat me iets - bij voorkeur - stiekem zien, en ik kijk het af...
Toen de kinderrechter eenmaal had uitgevlooid, dat mijn slechte studieresultaten, en - toen al - de nodige aanrakingen met de wettelijke macht, mogelijk verband hielden met de - voor mij - bedreigende situatie thuis, en dus ook op school en daarbuiten, ging het al rap beter met me. Zoals ik altijd al had gedacht, lag het gewoon aan mijn ouders. Dus die hebben we maar afgeschaft, want als kinderen bij de politie moeten aankloppen voor wat aandacht, dan blijven ze dat doen. Mijn kinderrechter, was dan ook een uiterst verstandig man...
Niet, dat het daarna al snel beter met me ging. Achteraf blijkt toch, dat het uit huis plaatsen van een 12-jarige de nodige trauma's oplevert. Gelukkig blijkt daarnaast, dat het vignet van een verschoppeling die bij voorbaat al mislukt is, ook de nodige privileges kan opleveren. Immers, als men toch al niets van je verwacht, dan kun je je dus in alle rust ontplooien. En wat ook helpt, is dat je als 'delinquent' door de overheid wordt onderhouden. Aldus blijkt, dat het verstrekken van onderdak, kleding, voeding en bewassing, onderwijs en zakgeld - FL. 2,50 per week - nog niet garant staat voor een geslaagde jongeling....
Daarvoor is de puberteit nodig, een periode die door kinderen doorgaans wordt gebruikt, om zichzelf te kunnen ontpoppen tot jong volwassen. Bij voorkeur krijgt men in deze periode ook de gelegenheid om zijn ouders - en overige familie - grondig de maat te nemen, maar dat had ik gelukkig al achter de rug. Tenminste, dat dacht ik, want achteraf is mij gebleken dat deze periode ook zeer nuttig is om de waarde van jezelf als persoon te beïnvloeden. En vooral je normen en waarden...
Reeds op mijn 12e was ik al oud, in die zin dat ik noodgedwongen mijn puberteit had moeten overslaan, met de set normen en waarden die ik tot dan toe had opgedaan. Vanaf dat moment werd ik geacht, het zonder ouders te kunnen stellen...
In ruil daarvoor, werd ik overgelaten in de handen van een justitieel apparaat, dat tot mijn 21e mijn opvoeding, huisvesting/kleding/voeding, scholing en onderwijs, en daarnaast persoonlijk onderhoud zou bekostigen. Als verschoppeling, aan de maatschappij onttrokken. Dat klinkt als een goede overeenkomst, en dat was het ook; want anders was ik er niet meer geweest. Al had me dat een hoop gedoe kunnen besparen...

Het is lastig om uit te leggen hoe ik me toen voelde, want veel tijd om een gevoelsleven te ontwikkelen wat passend was voor iemand die geacht wordt op eigen benen te staan, had ik natuurlijk nog niet mogen hebben...

De periode waarin ik werd geacht, betrekkelijk zorgeloos van mijn puberteit te 'genieten', verzekerd van de onvoorwaardelijke steun van mijn verwekkers en familie - bij voorkeur in een enigszins veilige omgeving - heb ik doorgebracht in een van rijkswege gesubsidieerde instelling. We kunnen hierbij denken aan een jeugdgevangenis of een gesloten inrichting, maar zo erg was het gelukkig nog niet met me gesteld...

Gelegen aan de rand van Gelderland, aan het einde van de Utrechtse Heuvelrug, aan de Bosweg in Amersfoort, is het op zich niet heel bijzonder, en dat is het nooit geweest. Het enige wat deze plek bijzonder maakt, is het feit dat het gelegen is aan de rand van een indrukwekkend natuurgebied; De Treek...

Deze aardige trek vindt men terug op allerlei plaatsen, waar mensen - om wat voor reden dan ook - aan de maatschappij worden onttrokken. Of het nu gaat om bejaardentehuizen, psychiatrische inrichtingen of begraafplaatsen, je kunt er vergif op innemen, dat er een bos in de buurt is. Of een bosje. We worden immers allemaal ooit het bos ingestuurd...

Hoe dan ook, het mag duidelijk zijn dat mijn ontwikkeling vanaf dat moment een nogal sociopathische vorm had aangenomen. Onttrokken aan de ouderlijke macht, en overgelaten aan de nukken van de overheid...



zondag 1 februari 2015

Waarheid, een raadselachtige metafoor...

Op zoek naar de Waarheid

We stellen ons voor, dat we op reis zijn door een voor ons onbekend gebied, zonder uitgebreide mogelijkheden tot nauwkeurige navigatie. Met andere woorden, onze mobiel ligt thuis. Een soort van dropping, zeg maar, waarbij je geblinddoekt en al ergens in een bos wordt achtergelaten. Kortom: u bent het bos ingestuurd. U kent het fenomeen ongetwijfeld, uit uw al dan niet nabije jeugd, of wellicht van een overmoedige trektocht...

We hebben slechts een flauwe notie, over waar we zijn of waar we heen moeten. We hebben slechts enkele Mars repen, pakken chips, frisdrank of andere middelen bij ons - of wat we anders zouden meenenemen naar een onbewoond eiland; behalve een tandenborstel, want we hopen dat we vanavond nog thuis zullen zijn - dus we zullen het niet lang maken. Gelukkig komen we af en toe in aanraking met de bewoonde wereld, zodat we in ieder geval kunnen vragen waar we zijn; en dus ook waar we heen moeten...

Dat is nu eenmaal de mores van reizen, want iedere reis hangt aan elkaar van begin- en eindpunten, en de tijd die daar tussen zit. Je weet pas waar je heen moet, als je weet waar je bent, nietwaar? Of was het andersom? Enfin, dan weet je pas weer hoe laat het is. Maar dit terzijde, we lezen niet allemaal Einstein...

Zo komen wij op een late avond in een uitspanning, waar wij - als overduidelijke landlopers, zonder enige middelen van bestaan - gul worden onthaald. Wij kunnen eindelijk weer eens baden, ons voeden, rusten en bijkomen van de afgelopen ontberingen. De waard schuift ons nog met een knipoog zijn huwbare dochters toe, en wenst ons een goede nacht... Maar helaas, wij moeten verder op onze queeste; en verder hebben we geen cent te makken... Doet u ons maar de hooiberg...

De volgende ochtend vertrouwt de waard ons toe, dat onze reis verder zal leiden naar een plek diep in het bos, alwaar twee broers wonen. Deze broers zijn volmaakte tweelingen, en als zodanig niet uit elkaar te houden. Helaas zijn ze ook elkaars spiegel, want de een spreekt altijd de waarheid, en de ander liegt altijd. Als we daar ooit aan mochten komen, dan moesten we de weg maar verder vragen.

Maar: we konden aan de beide broers maar 1 enkele vraag stellen, want ze waren nogal op zichzelf. Zo drukte de waard ons nog op het hart, terwijl hij wist dat hij ons naar een wegwijzer had gezonden, die mogelijk door de wind inmiddels een andere richting had aangenomen...

Aldaar aangekomen, blijkt de bewoning van de beide broers precies op een splitsing van wegen te staan. De ene weg is goed, en de andere weg is fout. Je mag 1 vraag stellen, aan een identieke tweeling waarvan de ene de goede antwoorden geeft, en de andere de foute antwoorden. Hoe kun je dan nog vragen naar de Waarheid?

Gelukkig hadden we Ron bij ons, onze notoire huisleugenaar, want hij weet na diepgaand onderzoek Alles van de Waarheid; opdat hij deze tijdig en ten allen tijde kan ontlopen. En hij vroeg - zonder blikken of blozen, alsof het zijn dagelijks praktijk voor het ontbijt was - naar een onvervalste leugen, aan een van de beide broers...

Hij vroeg: "We willen naar huis. Waar zou je broer me heen sturen?"

De verpletterende logica achter deze vraagstelling is, dat het antwoord altijd een leugen is; namelijk de verkeerde richting, want zowel de waarheidsspreker als de leugenaar zou de waarheid van zijn broer niet verloochenen. Enfin, het is een lang verhaal over propositielogica, al heb ik er niks van begrepen. We hebben de weg gevolgd, die Ron ons uiteindelijk gewezen heeft, en zijn veilig weer thuisgekomen...

Ik had het hele verhaal eigenlijk al vergeten, totdat ik laatst weer eens in de kroeg zat met Ron, en wij de herinneringen aan deze dropping weer eens ophaalden...

En dat Ron zei: "Het is wel jammer, dat ik niet heb verteld waar we echt heen wilden. Anders had ik nog steeds in dat bos kunnen zitten, met die leuke dochters... Helaas had ik de verkeerde broer te pakken... Daar heb ik een neus voor... Maar die is van Max Tailleur... Proost..."

zondag 31 augustus 2014

wat als Hitler?

als Hitler Jood was geweest
hoe had zijn strijd, uit nijd
dan uitgepakt, in de tijd
een ander beest?

zou hij God hebben omarmd
of Jezus eigenhandig
niet al te verstandig
hebben ontdarmd?

die zes miljoen doden
van Hebreeuwse komaf
waren niet God's straf
noch de tien geboden...

Jezus brak ons brood
zegende onze schare
water werd ouwe klare
niemand kon nog dood...

waarheid achterhaalt de leugen
het eeuwige leven
kan niemand ons geven
dat zal ons heugen...

Means of living...

living, is the right
to lose your life
while you are
living it...

living, is the right
to not be in fear
while you are
dying...

living, is the right
to learn how to gain
and lose, but never
really have...

living, is the right
to spend anything
expecting nothing
in return...

living, is the right
to be free...

Schuldig Landschap...

...
Wanneer, waar en waarom weet vrijwel niemand, maar deze qualificatie om een plek aan te duiden waar 'ooit iets gruwelijks is gebeurd', zou ooit zijn toegeschreven aan charlatan-kunstenaar Armando... hier te lande bekend van o.m. zijn ruim 25-jarige acteer-carrière (http://nl.wikipedia.org/wiki/Herenleed) en verder - vooral hier in mijn woonplaats Amersfoort - als beeldend artiest met een geprangd oorlogsverleden, dat hij uit alle macht tracht te vermunten... een kunstenaar waag ik hem dan ook niet te noemen, want zijn werk is abominabel; een charlatan des te meer... maar ik wil het niet hebben over Armando...

Voorbeelden in Nederland van 'Schuldig Landschap', zijn onder meer de voormailige nazikampen Westerbork en Amersfoort, en met enige fantasie het Belgenmonument in laatst genoemde plaats; plus haar gehele binnenstad... ik woon in Schuldig Landschap, al merk ik er weinig van...

Als je er heen gaat, valt er - zoals was te verwachten - weinig meer te zien dan verstilde vredige natuur, her en daar verlevendigd met een bescheiden gedenkteken of overblijfsel, aan of uit die barre tijd... de omhoog gebogen rail in Westerbork, is en blijft een sterk beeld... in Amersfoort resteert alleen - naast het indrukwekkende Belgenmonument, maar dan met name om het verval - de krijgsgevangen Stenen Man, aan het einde van de loopgraaf waar executies plaatsvonden, aan de rand van Kamp Amersfoort... de ratelende machinegeweren, vanaf de randen van de loopgraaf, moet je er zelf bij fantaseren... het is er stil, doodstil...

Dat in ons naburige Duitsland - en wat omringende landen - een veelvoud van dergelijke plekken valt te vinden, hoeft niemand te verbazen... de vernuftige, hardwerkende buren hebben het zo ongeveer uitgevonden, en in die zin mag men veilig beweren dat ongeveer het gehele Duitse grondgebied - en grote delen van Europa - bestaat uit 'Schuldig Landschap'... verder vinden wij Schuldig Landschap in vrijwel het gehele Midden-Oosten, grote delen van Afrika, Azië, Australië, en natuurlijk niet te vergeten Noord- en Zuid-Amerika... zelfs ongerepte plekken, als de pool- en alpengebieden zijn niet meer vrij van schuld...

Ik durf met grote stelligheid te beweren, dat je geen plek op aarde kunt vinden - waar ooit een mensenvoet heeft gestaan, wel te verstaan - waar geen sprake is van Schuldig Landschap, hoe futiel ook... zelfs de Maan is schuldig, en mogelijk Mars...

Want zo zit de mens in elkaar: het ligt niet aan ons, maar aan het materiaal waarmee we ons moeten zien te behelpen... zoals Landschappen, waar wij Schuldig waren...

enfin, heeft er nog iemand interesse in het voormalige buitenhuis van Goebbels? het staat er nog...

Waarom eigenlijk schrijven?

Stel deze vraag aan een willekeurige schrijver (m/v), en je krijgt vermoedelijk een nietszeggend antwoord; althans een antwoord, waar je niets van begrijpt. Dat is ook niet vreemd, want de meeste schrijvers hebben namelijk - als ze het eerlijk toegeven - geen benul waarom ze nu zo nodig moeten schrijven.

Ik schat in, dat de meesten van hen zich op gezette tijden met verbazing realiseren, dat ze 'iets' aan het schrijven zijn. Een gedachte borrelt op, werktuiglijk pakken ze pen en papier, en leggen die gedachte vast; zonder er werkelijk over na te (hoeven) denken. Woorden rijgen zich aaneen, de neergeschreven gedachte roept een andere gedachte op, en aldus ontstaat een bouwwerk van bedenksels, uitgedrukt in schrift. Het nut van dit bouwwerk is triviaal, het staat er immers...

Een schrijver is trouwens niet hetzelfde als een auteur, een columnist of een publicist. Dit zijn de zogenoemde broodschrijvers, die ook daadwerkelijk worden geacht op gezette tijden iets leesbaars te produceren, wat dan ook nog eens geschikt moet worden gedacht - marketing, noemen we dat - om door enig publiek te worden gewaardeerd. Zij kampen met deadlines, recensies, kritieken, writers' blocks, achterstallige revenuen, en meer van dergelijk ongenoegen. In ruil krijgen de stakkers brood, dus men benijde hen niet. Brood naar Spelen...

Nee, dan de schrijver. Die smaakt het werkelijk genoegen, van het naar hartenlust het ene gedachtespinsel aan het andere pennen. Zijn schrijfsel kent geen tijd, geen grenzen, noch goede smaak of leesbaarheid. Op zijn werk zit immers niemand - werkelijk - te wachten. Het is de binnenkant van zijn private denkwereld, geprojecteerd in gestolde spraak; volzinnen die enkel worden geacht, zijn eigen zinnen te strelen. Hij is zijn eigen publiek. Navelstaren zegt u? Mogelijk...

Het zal duidelijk zijn, dat langs deze werkwijze verrassende schrijfsels kunnen ontstaan. Hiervoor hoeven we alleen maar het werk van al dan niet beroemde filosofen te lezen; vooropgesteld dat hun gedachten leesbaar zijn. Einstein's relatieve theorie, is wat dat betreft een slecht voorbeeld. Mein Kampf van Hitler is dan weer het andere uiterste; hoe dan ook, sommige gedachten kunnen beter ongelezen blijven, en zijn dat gelukkig ook...

"Zet 100 chimpansees bij elkaar, met 100 typemachines, en binnen 100 jaar is de Divina Commedia geschreven.", is een uitspraak die dit afdoende illustreert...

Wie dit gezegd zou hebben weet ik niet, en het doet er ook niet toe; het klinkt als een reclame voor typemachines. De schrijver dezes - want dat was het ongetwijfeld - bedoelde in diepere zin het fenomeen aan te duiden, dat in feite iedere denkbare tekst al eens is geschreven ergens ter wereld, en de rest zijn onleesbare permutaties. Zoveel is inmiddels bedacht, en opgeschreven; bedenk u dat...

Uiteraard niet, dat we binnen een eeuw 100 primaten 15e-eeuwse Florentijnse poezie kunnen leren, en ook nog eens leren typen. Zo slim zijn we nu ook weer niet, laat staan primaten...

Ikzelf raap wel eens weggegooide boodschappenbriefjes op, en ik kan u zeggen: daar vindt men de ware poëzie, van het werkelijke leven. De saaiste lijstjes zijn net, ordelijk en to the point. Men ziet de route door de Plus al voor zich. De ware pareltjes echter, tonen een staat van verwarring. Men heeft geen idee, wat men nodig heeft, en of men aan de kassa genoeg geld zal hebben. Dat is ook de reden, dat boodschappenlijstjes meestal worden weggegooid.

Mijn favoriete insecten zijn dan ook Schrijvertjes. Dat is een soort kever - ook wel draaikever - die op warme dagen op het wateroppervlak niets anders doen dan figuurtjes in het wateroppervlak schrijven. Als ze niet bezig zijn luchtbellen in te vangen, om onder water te kunnen voortplanten. Verder doen ze weinig anders dan eten, en mij verbazen om hun zorgeloze zijn. Want niets van wat ze schrijven, blijft achter, op het onverbiddelijk rimpelloze wateroppervlak...

Hiermee kom ik vanzelf op censuur, het prerogatief van de ware schrijver. De ware schrijver schrijft veel op, maar gooit gelukkig ook het meeste weer weg, zonder dat anderen zijn gedachten hebben kunnen stelen. Of zijn onzin hebben kunnen lezen. Schoonheid is immers verdacht, schrijven is wat er van over blijft.

Schrijven is schrappen, aldus Godfried Bomans, die ik dank voor al deze gedachten. Ik heb ze voor jullie opgeschreven. Lezen mag, kritiek niet.

Ga anders zelf maar wat schrijven...

Scriptor: Ego sum

vrijdag 25 juli 2014

Essay: De zin en onzin van daten op internet...

Laat ik maar meteen beginnen met het slechte nieuws; als je een relatie wilt, een snelle wip, of überhaupt een zinnig contact met een écht persoon, sla internet dan gewoon over. Ga dan gewoon naar het café, het museum, een vereniging (liefst iets met sport), de markt, het zwembad, het park, het schoolplein, of waar dan ook. Waar mensen komen...

Denk nu niet meteen: "Ja maar, weet je wat dat kost?", want geloof me: daten via internet is veel duurder, en met dan ook nog eens een kleinere kans van slagen. Ga maar gewoon de kroeg in, naar een dansavond of zo. Dat ik dat weet, komt niet alleen omdat ik het heb geprobeerd, maar ook omdat ik weet dat op internet uiteindelijk niets gratis is. Als op internet iets wordt aangeboden, dan kun je er vergif op in nemen dat hetzelfde "artikel in het vrije verkeer" op zijn minst de helft goedkoper kan. Maar nooit gratis... Simpele economie...

Met datingsites op internet, is het net als al het overige wat op internet wordt aangeboden; 90% is geprijsd van gratis tot goedkoop, en is dus crap. Het overige deel laveert tussen (te) duur, dan wel (te) betrouwbaar; afgemeten aan het virtuele gemak waarmee het schijnt te worden aangeboden.

Bij een beetje bonafide datingsite, moet je zo ongeveer een verklaring van goed gedrag over kunnen leggen (digitaal), naast het beantwoorden van 250 'serieuze vragen over je aanstaande relatie', plus de bereidheid om op zijn minst een psychologische test af te leggen. Voordat je ook maar een strookje vrouwenvlees krijgt te zien, laat staan te spreken. Bij de minder bonafide 'marktplaatsen' kun je gewoon gratis naar binnen, kijken, maar niks kopen. Voor het luttele bedrag van 10 euro, mag je 10 keer iets roepen naar de bewuste dame; bij wijze van kennismaking in een volle kroeg.

Ben je dan eenmaal zover, dat je verlekkerd kunt gaan grasduinen tussen al je matches, dan rijst er in beide gevallen een volgend probleem.

Bij de 'gratis' sites doet zich het fenomeen voor, dat achter ogenschijnlijk bonafide profielen slechts een call-center schuil gaat. Mensen schrijven zich in, stellen een soort van contactadvertentie op, maar krijgen uiteindelijk nooit iemand te spreken, laat staan te neuken. Ieder bericht wordt onderschept door het call-center, die vervolgens alleen nog maar de boot hoeft af te houden, tot de hitsige pretendent uiteindelijk afhaakt. Oplichting, zegt u? Lees de algemene voorwaarden er maar op na: "het doel van deze site is niet, daadwerkelijke contacten tot stand te brengen.". Of clausulen van gelijke strekking...

Niet zo vreemd, want een goed werkend dating-systeem is nu eenmaal gedoemd zichzelf de nek om te draaien. Net zo min als als al die uitkeringsinstanties al die werklozen weer aan het werk zouden willen helpen; dan zijn ze immers zelf werkloos. Dus dat druk je de kop in.

Bij betaalde - en dus meer bonafide - datingstelsels doet zich een andere tekortkoming van het daten voor. In de veilige anonimiteit van internet, kunnen vrouwen - al dan niet gewillig - het spel van 'hard to get' eindeloos rekken. Ze kunnen zich voordoen als sletten - terwijl ze dit helemaal niet zijn - of juist de kuise en brave meid uithangen; maar dan wel met twaalf piquante fotografiën. Of ze nu zelf paffen als een schoorsteen, ze kussen toch het liefst met een maagdelijke niet-roker. Enzetcetera...

Geloof me: als je van bil wilt, zoek dan niet je heil op internet. Ga naar een sex-club; stukken goedkoper...


vrijdag 18 juli 2014

Essay: Omkering van sekuele macht een verworvenheid?

Als fervent voetbalhater kan ik niet beoordelen, of het afgelopen WK een interessant kijkspektakel is geweest. Voetbaltechnisch, bedoel ik dan, en dan nog los van de vraag waar men was met wie; zo van: geen bal van de wedstrijd gezien, maar het was wel gezellig, genoeg bier en zo, lekkere hapjes...

Waar ik echter zeker van ben, is dat het voor de vrouwelijke toeschouwers weer dik genieten is geweest, al die zweterige worstelende mannenlijven, stijf van de testosteron, over het scherm dravend elkaar te lijf gaand. Ik kan helaas alleen maar raden, naar wat er zoal gebeurt in een vrouwenlichaam bij de aanblik van 22 bronstige sportmannen, die gezamenlijk een bal en elkaar proberen te slopen. Ook sporten als wielrennen - en zeker schaatsen en zwemmen - hebben op vrouwen een dergelijke aantrekkingskracht.

Ik weiger dan ook te geloven, dat al die sportminnende vrouwen (uitsluitend) uit zijn op de sportieve beleving van de wedstrijd. Die zitten gewoon volstrekt gerechtvaardigd mannenvlees te keuren. Zij verdienen dan ook onverkort hetzelfde wantrouwen als mannen, die ineens vrouwensporten gaan bekijken.

Heren, let wel: dit gaat niet meer over emancipatie of de gelijkberechtiging van de vrouw. Voor de meeste - zo niet alle - vrouwen is het bekijken van mannelijke sport, niets anders dan het zoeken naar een geschikte voortplantingspartner. Kunnen ze niets aan doen, daar zijn ze voor gemaakt.

Vrouwen, u gelooft mij niet? Wat dan te denken van die overbekende Coca Cola reclame, waarin een horde vrouwen onder het mom van pauze en een verfrissende Coca Cola, halfnaakte bouwvakkers gaan staan bekijken? Kent u die niet? Dan heeft u zeker ook niet gehoord van de Marlboro Man?

Voor de goede orde: zeker in de beeldende kunst, de reclame en de media, is de man al vele malen langer het onderwerp van objectificering, dan de vrouw. In dit geval het tot object maken van het mannelijk lichaam. In dit licht bezien, is het fenomeen van de objectificering van de vrouw nogal mild; in de kuise jaren werd ze steevast afgebeeld als huisvrouw, tegenwoordig wordt zo ongeveer alles verkocht met de beeltenis van een al dan niet schaars geklede vrouw erbij. Dat zegt natuurlijk niets over het beeld wat mannen van vrouwen hebben. Maar het op die manier uitbeelden van mannen zegt wel iets over hoe vrouwen hier naar kijken.

Dit is op zich een interessant fenomeen. Mannen die (op die manier) naar vrouwen kijken - want seksistisch en ongewenst - worden veroordeeld, terwijl het voor vrouwen juist bevrijdend is precies dát te doen wat ze van mannen niet (langer) tolereren. En ook buiten de wondere wereld der objectificering wringt en schuurt er  nog het een en ander. In organisaties waarin vrouwen het voor het zeggen hebben, worden mannen maar al te makkelijk geweerd. Andersom zou dit kunnen leiden tot Kamervragen.

Dat dit wringt met het - vooral door vrouwen - gekoesterde ideaal van gelijke behandeling, is een voor de hand liggende conclusie. Zodra vrouwen seksisme en objectificering gaan gebruiken als methode om zichzelf te bevrijden, dan gaat er iets faliekant mis. En al helemaal, als ze het perfecte mannenlichaam gaan promoten, of de perfecte minnaar.

Dan kunnen de meeste mannen worden geschrapt...

zaterdag 27 juli 2013

Essay: de zegeningen van vakantie...

Ik gooi maar meteen mijn kaarten op tafel...

Mijn grote voorbeeld Godfried Bomans heeft al de nodige essays gewijd aan het fenomeen vakantie, en ik heb zijn zienswijze hierop altijd heerlijk gevonden. In het kort, komt zijn visie hierop neer dat het een heerlijke bezigheid is, om gedurende de vakantie maar gewoon thuis te blijven.

In een van zijn essays verhaalt hij over een guitige oom, die onder het mom van vakantie aan al zijn relaties spannende ansichtkaarten stuurde van verre oorden, terwijl hij in feite aan het biljarten was, ergens in Helmond. Uiteindelijk viel hij niet door de mand door de poststempels. Hij verstuurde die kaarten wel degelijk naar relaties in diezelfde oorden, om ze vervolgens van daaruit naar zijn vrienden te (laten) sturen...

Dit is op zich al een gigantische operatie, en een dergelijke frisse aanpak van het vrijetijdsprobleem verdient dan ook alom bewondering. Uiteindelijk laat Bomans zijn oom door het ijs zakken aan die biljarttafel, waar hij wordt betrapt door een verre kennis die in de veronderstelling verkeerde, dat de bewuste oom op datzelfde moment zijn leven waagde op de flanken van een of andere Zwitserse alp. Drie over rood...

Bomans laat er geen geheim over bestaan: het fenomeen van op vakantie gaan vertaald hij letterlijk naar de afwezigheid van diezelfde omgeving, die hem buiten de vakantietijd omringt. Bomans had simpelweg vastgesteld, dat zijn eigen huis en zijn eigen achtertuin gedurende de periode die doorgaans wordt beschreven als vakantie, de meest rustige plek op aarde was. Nu woonde de man natuurlijk niet lullig, in het duingebied van Bloemendaal, maar dit terzijde...

Niet, dat Bomans geen reislustig type was. We kunnen met een gerust hart aannemen, dat alle mogelijke culturele trekpleisters in Europa en verre omstreken door hem zijn bezocht. Zijn boodschap is dan ook duidelijk. Wij hoeven er niet meer heen, want hij is er al geweest. Daarnaast moeten we niet vergeten, dat Bomans met name reisde, uit hoofde van zijn beroep als schrijver. Voor hem was vermoedelijk het ideaalbeeld van vakantie niet gericht op het zichzelf verplaatsen, maar eerder op het vermijden daarvan...

Heerlijk is ook de wijze waarop hij - via zichzelf - het begrip toerisme fileert. Terwijl hij ons getuige laat zijn van - ik noem maar wat - een bezoek aan het Louvre, stelt hij genadeloos vast dat hij daar is omringt door 'tourisme'. De enige echte Fransman ontwaart hij in een slaperige suppoost, die verlangt naar de sluitingstijd van het museum. Hij komt er immers iedere dag. Voor hem is dat niet langer een bezienswaardgheid.

Dan stort die Fransman zich in datzelfde Parijs, wat voor iedere andere tourist voor eeuwig verborgen zal zijn. Waarom? Omdat we er niet bij horen. Want wij zijn op vakantie...

Wat is de les? Vakantie is vrijaf, van jezelf...





donderdag 20 december 2012

Mad Science...


Breaking news...

Scientists discovered a new - so far unknown - species of the human race. They call themselves, the Fuckah-wee...

One of the elders of this tribe, introduced his people with: "My name is George, we're the Fuckah-wee"... 
This is stunning, because it is rare that aliens seem to speak our language...

Furthermore, they seem human; although highly anti-social, they seem to be able to communicate with us... 
They seem to be canniballistic, though...

Somehow, they seem lost; and for a long time... Where could they be from?

Is this a twist, of evolution?

Moods for celebration

When it is raining, one shouldn't even go to one of those fairs. But when I left home, it was still dry and once I got there, it started to trickle.

Others had seen it coming; they just weren't there. As a result, there were very few visitors, and those few that were dwelling this slowly soaking terrain, didn't have any lust to visit one of the rides. Nonetheless, all the rides were running, sang out their organ music, and their operators were yelling to come in, have fun and joy, and lots of laughter.

But no one did, because celebrating a fair is a fever that, in the chill of a rain shower - by now, the trickling had turned to heavy rain - simply won't happen.

I decided, meanwhile, to ignore the elements and take the tour, as if nothing was more appropriate. I let myself spin and turn, went for bumps and shocks in some machine especially designed for this, got sick in the roller coaster, and hurled lonely but rough downwards along the railed water carts. Enough soaked, stirred and shaken, I then went to the bakery-stand - poffertjes - to feast myself on this ritual gourmet.

That stand was truly empty, but at least dry. A very fat men wearing white was baking away, with that blase stance of a gourmet-chef, and some obnoxious fellow - figure Dostojevski - came over to take my order. I wanted poffers, just like that bloke over in the corner. Because there was someone else...

He sat two tables away from me, and he was talking to his baked goods. Before he ate a bite, he excused to the poffer, for eating it. This is not to be taken as being overly polite, because this big, blushing man was taken by alcoholic overheating.

I am always fascinated by lonely drunks. I do not understand them; I always get the impression, they just fell of a fully loaded party-train, and continue what they started in better company than myself. This man meanwhile, was exhilaration in the flesh. He had an intimate, yet royal pleasure, and from time to time - usually very unexpected - he sounded a contagious giggling laugh, that even disturbed the chef.

The last of his poffers, he put in the pocket of his pants; as if it were his rightful share of change coins. Of course this gives sticky stains, but that would strike him only the other day. In the meanwhile he was mimicking a train. He went hissing and puffing through the empty stand and - from time to time - he produced a very well copied steam whistle.

He stopped at my table, and let out a lot of alcoholic smoke. "Do you want to be the coal tender?", he informed. I felt like a student, on some examination, being asked about a book I didn't study. So it took me a while to produce an answer; by the time I knew something to say, the train had already left the station and hurled yelling around the corner.

Some fifteen minutes later, I spotted him again. By now, he had thrown off his railway-disguise, and was at a shooting-stand. Although he wasn't hitting anything, any shot, no matter how much off-target, gave him reasons to be very cheerful, and loud hurrah's. He was having a very good time, even when - tired of shooting - he was roaming through the rain, looking for new sources of fun.

Singing very loud, he let himself spin and turn, and being molested by the venomous torture of the moving stairs; real drunks, never get hurt. By the time he - whilst producing far-carrying Indian-yells - was using the air-swing, he began to draw strong attention. He was ogled at, and spoken about. Mothers lifted their children, to look up and see, what they should not turn into.

By the time he went to the tellers area, because he - most probably out of denial - wanted tickets for still more rides, the serious youngster entered the scene. This young man was with the police - and not for very long, clearly. Nonetheless, he was well informed of what was done, and not-done. Our lonely party-animal was, according to the standards of authority, a forbidden entity. He took him by the arm, and lead him to the gates.

By then, no one had fun anymore...

(White Courtesy call: Simon Carmiggelt, hope you like this translation)

Pondering about Life and Death.

By now, our world population has reached around seven billion Human earth dwellers; a stunning figure. Since the world poplulation is still growing, we might presume, we are doing all right. Because a growing population means, there are more newly born inhabitants then there are perishing. This overabundance of birth is a result of what we call a succesfull species; and no matter how vulnarable we are - as a species - we still manage to get older. Over our existance, our life expectancy has doubled, and so did our birth rate; of course, these are rough estimations.
.
To me, this raises all kinds of questions, like: "How many people were born, and how many died, over our time?" This is simple calculus, one might say: "People born, minus people died, equals 7 billion". That's the easy part. And if we knew the exact birth- and death-rates - on average, over time -  we could easily work this out. But of course, we do not know that properties; we have no statistics on that. Nowadays, births and deaths are recorded, but that has not always been the case. So we have to make an educated guess.
.
We know one thing for certain: a person has to be born to count, and then it has to die. How long this - his life - will take, is uncertain. On average, our lifespan is 70 years, worldwide nowadays. We can figure out, by studying remains of very old dead people, what was the life expectancy back then. But how often a new baby was born - worldwide - is a statistic mystery. Also the many wars, humanity suffered, throw a cloud over our life expectancy. Nonetheless, I will give it a shot.
.
Let us assume a birth rate of 1 new person per second, in modern times - this is not an exaggeration; we assume a birth rate of 1 per 4 seconds (why? one has to start at some point) at the start of our timeline. We assume a lineair function of birth rate over time (why? ...). Our timeline starts 10,000 years ago, the rising of Homo Sapiens (why? ...). We will not bother ourselves with death-rates, because they are unpredictable. They will be the remainder of our equation... Let's go...
.
In the first 2500 years, in seconds, 78,840,000,000 / 4 = 19,710,000,000 were born...
In the second lap, 78,840,000,000 / 3 = 26,280,000,000 were born...
In the third lap, 78,840,000,000 / 2 = 39,420,000,000 were born... 
In the fourth, 78,840,000,000 / 1 = 78,840,000,000 were born... 
.
Grand total: over 10,000 years, we reach a possible figure of 164,250,000,000 births, roughly... Luckily, most of them died by now; we have 7 billion left, out of 164, and a quarter...
.
But were did all the dead people go?
That must be a very crowded place...

About the fine line, between Belief and Religion.

As long as there were people around, we had certain beliefs.

Even the earliest species of humanoids, had something other species didn't have. They had a larger brain. With that, there was not only a strong means to develop faster - via learning - humans also could develop some room for themselves, in their brains. Humans created ego, plain self. They became aware of their surroundings, in a different way compared to other species.

Of course, in the early days - before we learned to hunt - we were just puny, hairy creatures, that had barely learned to walk. We had figured out, that an upright position - like meerkats - sustains your probability of survival. Furthermore, we had developed hands, with a thumb and all. So going on all fours was no option; we were carrying stuff around...

It wasn't before long we lost our bodily furs; a rolling stone gathers no moss. Whilst on the move, we got naked, and had to cover our bodies. Not out of shame; it was just darn cold, without any clothing. By then, we lived in caves, we discovered fire, and we hunted down small game with sticks and spears. Most of the time, we were hunted ourselves. There were predecessors of tigers, lions, bears, and we were prey. Somehow, it is still a miracle how we ended up on top of the food chain.

What probably saved the human race, is the fact that we - completely against our nomadic nature - started to form tribes, and settlements. A large group can hunt bigger prey - like an elephant - it can sustain a larger settlement, and give security to a larger group of people, with greater diversity; in terms of procreation. Thus: we thrive... By becoming a society - versus a lonely nomadic unit - we became stronger...

This point is probably the most important link in the development of the Human Race. By giving up our individuality, merging in a group, we developed who we are. Living in a society is not just hunting and gathering. We had to become social animals, we had to learn to work together; and not just for ourselves.

Running a society, is a whole new - and different - ballgame, and humans are not particularly good at it. A society needs rules, in order to get along with each other. Thus, a society needs a ruler, to set out those rules. This ruler has to be chosen, this ruler needs priviliges, it needs absolute power. This ruler needs politics, it needs henchmen, to share the responsibilities. Some rulers, even turn to Higher Powers, to keep their followers restrained. For their own good.

In this point of our development as Humans, we probably created Belief. We had to believe in our survival. Being creatures of nature, we already developed a strong awe for Mother Nature. Our planet was a pretty violent place, back then. We needed assurance, we needed protection; we would do anything for that. We even started to believe in our rulers. They would surely know, what was best for us...

From here, it is a small step to Religion; it is just the next step after Belief. Once we start living along believes, it usually turns into some kind of religion. We are living by it, we leave our life in the hands of it. We create entities (gods, or other deïties) to watch over us, we pray, we hope... We create leaders, that will abuse their power, against us... For survival...

It is stunning, how a primitive race can come to this...

woensdag 19 december 2012

Essay: Beschouwen wij de wetenschap.

   Geheel tegen mijn gewoonten in, leg ik mijn kaarten direct op tafel.
Ik zal mijn lezers niet vermoeien met ellenlange beschouwingen, uit Wikipedia geknipt.
Noch zal ik mijn boosheid ten toon spreiden, over vermeend onrecht, dat ik zou hebben waargenomen.
En - voor de verandering - ben ik zeer bondig.
Dat zullen mijn lezers ook zeer prettig vinden, want die hebben doorgaans weinig tijd.

   Voor mij is wetenschap - vanuit het standpunt van de beoefenaar - zeer helder.
Allereerst: wetenschap wordt onafhankelijk beoefend; er zijn geen broodheren.
De ware wetenschapper beoefent zijn ambt in volstrekte eenzaamheid.
Zoektochten naar de Steen der Wijzen, of het vervaardigen van Goud, zijn hiervan voorbeelden.
Te vaak, is de wetenschap misbruikt voor plat gewin.

   Dus dient wetenschap een duidelijk aanwijsbaar maatschappelijk doel te dienen.
Wie betaalt immers de subsidie? Wij met zijn allen dus.
Het is natuurlijk leuk, om te fantaseren over de toekomst; ook dat is de taak van een wetenschapper.
In die zin, kan de wetenschap onze horizon zeker verbreden, vergroten, en noem het maar op.

   Voor mij persoonlijk, voert het mij te ver, dat wij ons verdiepen in ruimtevaart.
Wij zullen nooit op de Maan wonen, noch op Mars, Venus, en wat dan ook.
Het feit, dat het eventuaal kan, is nog geen reden om het te doen.
De maan is een zeer eenzame plek, zonder enig vertier; op Mars zijn wij ten dode opgeschreven.

   Langs dezelfde redenatie, wijs ik ook een verblijf af, op de vloer van de oceaan.
Of eventueel verkerende op enig kunstmatig vlot, op het wateroppervlak.
Mensen zijn geen vissen, noch watervogels.
Kortom: het water is niet onze habitat.

   For the sake of the argument, zal ik het nog hebben over de luchtvaart, los van ruimte-reizen.
Allereerst: mensen hebben geen vleugels; Remus en Romulus zijn hiervan sprekende voorbeelden; zij vielen naar de zon.
Dat dit gegeven in strijd is met alle zwaartekracht-regels, laten wij nog even buiten beschouwing.
Dat Leonardo da Vinci alsnog het vliegtuig heeft uitgevonden, is een dwaling van de wetenschap.

   Samenvattend: wij mensen horen op Aarde.
Het is de taak van de wetenschap, dat we dit kunnen blijven volhouden.

Dank u, professor.
Jullie ook bedankt, tot volgende week....

Essay: de zin en onzin over vrouwen.

OK, dit stukje ware beter geschreven door een Echte Vrouw.


Maar aangezien dit stukje toch geschreven moet worden - bij ontstentenis van een Vrouw - doe ik het maar.
Niet dat ik terzake kundig op de hoogte ben; ik beschouw mijzelf als ervaringsdeskundige.
Dat dit niet te maken heeft met mijn begrip van Vrouwen, wat overigens bodemloos is, is hierbij niet van gering belang.
Nee, dit heeft alles te maken met mijn zelfkennis; naast kennis van de wereld om mij heen.

   Laat ik beginnen met te zeggen, dat vrouwen er een beter beeld van hun Realiteit op na houden, dan de gemiddelde man.
Dat kan ook niet anders; diegenen die zijn belast met het Wonder der Schepping hebben het zwaar.
De ongemakken die de gemiddelde vrouw alleen al beleeft, tijdens de gemiddelde zwangerschap, zijn voldoende om er definitief van af te zien.
Het is dan ook een wonder, dat de Schepping van het menselijk ras nog zover gekomen is.
Aan de omstandigheden heeft het niet gelegen; al hebben ze sex wellicht te lekker gemaakt.

   Maar goed: het is nu eenmaal zover; laten we er sportief over blijven.
Helder is, dat de mislukking van dit concept volledig rust op de schouders van de man.
In zich was het concept immers helder: de Vrouw houdt - hoe dan ook - de Schepping op gang.
Dat de Man hierbij - uit opzichtige verveling - afhaakt, is terug te voeren op mannelijke zwakheden.

   Ik aarzel dan ook niet om te beweren, dat dit falen een hogere betekenis heeft.
Margaret Thatcher zei het al: "If you want talk, take a man; if you want deeds, take a woman.".
Of woorden van gelijke strekking, het maakt niet uit; de boodschap is duidelijk: "It takes a woman, to do a man's job.".
It's a man's world, No woman no cry, noem ze maar op.

   De Schepping ware dan ook beter af geweest, als zij mannen buiten beschouwing had gelaten.
Onze Schepper himself heeft hiertoe nog een poging ondernomen; door de Man te Scheppen naar Zijn Evenbeeld.
De Vrouw schiep hij uit een rib; vandaar dat mannen nog steeds - in tegenstelling tot vrouwen - over een zwevende rib beschikken.
Het had een perfect sprookje kunnen worden, ware het niet dat de Vrouw haar sexualiteit ontdekte.
Daarna ging het vlot; wij werden verdreven uit het paradijs, en vervielen tot ellende.

   Had Adam maar beter opgelet; dan was dit alles niet gebeurd.
Aan mannen heb je niks.

Essay: de zin en onzin over mannen.

Allereerst: ik ben zelf Man, en mag er dus een mening over hebben.


Het enige wezen, dat iets zinnelijks - dan wel zinnigs - over een man kan zeggen, is dan ook per definitie een Echte Man.
Dit is natuurlijk glad ijs; het begrip Man is namelijk een contrast-verschijnsel, om tegenwicht te geven aan het fenomeen Vrouw.
Een Echte Man - als fenomeen - kan namelijk alleen maar worden vastgesteld, via het begrip Echte Vrouw.

   Dit probleem achtervolgt het mannen-dom, al sinds het ontwaken van het mensdom.
De Vrouw maakt de man tot wat hij is; een zaadproducent, hoeder, jager, verzamelaar, vader voor zijn kinderen.
Voeg daarbij de notie, dat Vrouwen kwetsbaar zouden zijn, en de misvatting is compleet.
Voordat de man in de gaten heeft, wat er is gebeurd, zit hij vast geklonken aan een bestaan met vrouw, en vele kinderen.

   Voor de ontwikkeling van ons ras is dit uiteraard een goede zaak.
Onze samenleving is erbij gebaat, dat mannen hun verantwoordelijkheid nemen.
Mannen dienen te zorgen voor voldoende inkomen, zekerheid, stabiliteit, bescherming, status, enzetcetera.
Vrouwen - op hun beurt - dienen de man daarbij te ondersteunen; de aanschaf van spannende lingerie, en het verzorgen van de dagelijkse warme maaltijd is wel het minimum.
Tot dusverre, is er nog niets aan de hand; dit kan - als model - prima functioneren.

   Het heeft dan ook lang geduurd, voordat mannen weer bij hun zinnen kwamen.
Er is een - niet aflatende - feministische golf voor nodig geweest, om ons mannen op onze plek te zetten.
Dit fenomeen is in zich niet onlogisch: vrouwen zijn de hoeders van onze beschaving; mannen doen maar wat, tegen beter weten in.
Dat vrouwen hiervan lange tijd de dupe zouden zijn geweest, staat uiteraard nog te bezien.
Ook deze bevolkingsgroep heeft zich lange tijd van alles laten aanleunen, maar was dat niet hun eigen schuld?

   Dit alles rechtvaardigt de vraag: waar staan wij mannen nu?
Ik zeg u: wij staan nergens.
De verzamelde inspanningen van het Mannen-rijk, hebben geleid tot de conclusie dat wij Mannen nergens goed voor zijn.
Vrouwen zijn het er zelfs over eens, dat wij ook in het Echtelijk Bed ons Mannetje niet meer staan.
Er zijn zelfs mannen waargenomen, die liever op een vrouw lijken; ik zeg: Homo's.

   Daarnaast houden wij ons bezig met oorlog, overspel, pedofilie, en overige nutteloze hobbies.
Wij hebben Voetbal, Automobielen, Playboy (liever Penthouse), volle gereedschapskisten, en daarnaast peilloze mogelijkheden om onze verveling succesvol te lijf te gaan.
Helaas zijn wij behept met Vrouw, kinderen, en andere zinloze verantwoordelijkheden.
Anders zou het best nog goed kunnen komen, met ons mannen.

   Toch?

Essay: Over de zin en onzin van industrialisatie.

Volgens Wikipedia  http://nl.wikipedia.org/wiki/Industrialisatie is industrialisatie:
.
'het proces van veranderingen in het productieproces door mechanisatie en de daaropvolgende veranderingen in de productieorganisatie zoals de invoering van het fabriekssysteem. Het betreft dus niet alleen technologische, maar ook sociale veranderingen.
Hierdoor wordt de economie van een samenleving steeds sterker afhankelijk wordt van de industriële productie in plaats van de opbrengsten van landbouw en huisnijverheid. In een periode van industrialisatie wordt arbeid, die traditioneel vooral werd gedaan met behulp van spierkracht van mens en dier, in toenemende mate verricht door machines.'
.
   Maar wat is dan (een) industrie?
De industrie http://nl.wikipedia.org/wiki/Industrie (Lat Industria : bedrijvigheid, ijverig) is het deel van de economie, dat wordt gekenmerkt door de productie en verwerking van materiële goederen of artikelen in fabrieken en ondernemingen, veelal gekenmerkt door een hoge graad van mechanisering en automatisering - in tegenstelling tot de ambachtelijke vorm van de productie.
Het proces van veranderingen in het productieproces door mechanisatie en de daaropvolgende veranderingen in de productieorganisatie, zoals de invoering van het fabriekssysteem, wordt industrialisatie genoemd.
Er zijn ook sectoren die niet voldoen aan de bovenstaande definitie en nog steeds aangeduid als een industrie, zoals dienstverlenende bedrijfstakken als de "toerisme-industrie", "muziekindustrie", "entertainmentindustrie" of "software-industrie". De reden hiervoor is gelegen in de specifieke vertaling van het Engelse woord industry, dat in aanvulling op de industrie, ook branche of bedrijfstak kan betekenen.
.
   En hoe zat het ook weer met die http://nl.wikipedia.org/wiki/Industriële_revolutie ?
Onder industriële revolutie wordt de omschakeling van handmatig naar machinaal vervaardigde goederen verstaan.
De industriële revolutie begon eind 18e eeuw in Engeland en vervolgde begin 19e eeuw in de rest van Europa. De toepassing van de stoommachine gaf een enorme impuls aan de ontwikkeling van vervaardiging van producten. Ambachtelijke en kleinschalige werkplaatsen groeiden uit tot grote fabrieken en vormden samen een grootschalige industrie. Door die groei daalde de prijs van de producten enorm waardoor steeds meer mensen zich deze konden veroorloven. Hiermee brak een belangrijke periode voor Europa en later de rest van de wereld aan. Het was een trendbreuk in vergelijking met vroegere tijden en dus daarmee een 'revolutie'. Het betrof relatief snelle ontwikkeling van nieuwe technieken en hun toepassing in de industrie.
.
   Verder lezen wij nog:
Industrie is de productie van economische goederen, en het geheel van producerende bedrijven behoudens mijnbouwbouwnijverheid en nutsbedrijven. De industrie is opgedeeld in verschillende industrietakken of branches, die ieder een specifiek gedeelte van de economische productie leveren, zoals bijvoorbeeld de kledingindustrie.
In de economische wetenschap worden de industrie en bouwnijverheid wel de secundaire sector genoemd, die men plaatst naast landbouw en mijnbouw, de primaire sector genoemd, en dienstverlening ofwel de tertiaire sector. Industrie heeft in het algemeen betrekking op: a) De productie van materiële goederen, waarbij grondstoffen worden verwerkt, b) De productie is marktgericht, en c) Er is een zekere mate van arbeidsdeling.
Industrie in deze betekenis is in vele landen de sleutelsector van de economie. De industrie is qua omzet verantwoordelijk voor ongeveer een derde deel van de wereldeconomie. Dat is tegenwoordig meer dan de agrarische sector, maar minder dan de dienstensector. Indien de mechanisatiegraad laag is, spreekt men wel van manufactuur.
...In Angelsaksische landen wordt onder industry iedere marktgerichte activiteit verstaan, inclusief de ambachtelijke productie en de productie van diensten. Dit leidt soms tot verwarrende begrippen als vreemdelingenindustrie, een activiteit die onder de tertiaire sector valt.
.
   Tot dusverre de definities.
Wat mij - persoonlijk - als eerste opvalt, is de kennelijke spraakverwarring rondom het begrip industrie.
Het komt er in feite op neer, dat de meest gangbare industrieën - in hogere zin - in feite geen industrie zijn.
Een industrie moet namelijk - per definitie - grondstoffen verwerken, en (tastbare) artikelen hieruit produceren.
Het is dan ook vreemd, dat uitgerekend de 'tertiaire sector' - de dienstverlening - de grootste industriële sector is.
De secundaire sector - de industrie naast de bouwnijverheid - is nummer twee; en de primaire sector - land- en mijnbouw, de agrarische sector - is tegenwoordig nummer laatst.
.
   We hadden al een aantal 'zogenaamde industrieën' de revue zien passeren: de "toerisme-industrie", "muziekindustrie", "entertainmentindustrie", "software-industrie".
En wat te denken van het begrip 'vreemdelingen-industrie'? Wat maken ze daar? En waarvan?
Voor een overzicht, voor wat er verder nog op de markt is qua dienstverlening, men zie http://nl.wikipedia.org/wiki/Dienstverlening, 'Vormen van dienstverlening'.
Dat is kennelijk een schier eindeloze lijst, en deze kan vermoedelijk nog probleemloos worden uitgebreid.
.
   Het wordt pas echt mindboggling, als men zich probeert voor te stellen wat voor (soort) beroepsgroepen - dienstverleners - dit alles met zich meebrengt.
Ik durf zonder enige overdrijving te stellen, dat de dienstverlening - de zachte sector, in de wandelgangen - inmiddels verregaand is geïndustrialiseerd. Beyond control.
.
   Ik mis er zelfs nog een paar, die in deze lijst zeker niet mogen ontbreken.
Ik noem alleen al de tabaks-industrie, de benzine/gas-industrie, de alcohol-industrie, de sex-industrie; deze zijn aardig om mee te beginnen.
Dan kan ik nog verder gaan met de woning-industrie, de zorg-industrie, de financiële industrie, en de televisie-industrie.
Het is inmiddels mogelijk, dat er al wat doublures zijn; maar het beeld is duidelijk.
.
  Er wordt wereldwijd kennelijk het meeste geld verdient aan 'van niets, niets maken'...
Het is dan ook niet vreemd, dat deze wereld rap naar de kloten gaat.